Spaanse Grammatica in Praktijk

Spaanse grammatica leren begrijpen vanuit praktisch oogpunt met verschillende tips en geheugensteuntjes. Met fotos van Latijns America

De mooie tafel .. Lidwoorden en naamwoorden

In het Spaans zijn de zelfstandige naamwoorden mannelijk of vrouwelijk en bestaat er geen onzijdig zoals in het Nederlands. Er zijn een aantal hulpjes voor het bepalen van het geslacht met de meest belangrijkste hieronder.

De mannelijke zelfstandige naamwoorden eindigen naar mijn inziens met een zachte toon. Ze eindigen meestal met:
  • -o                               el libro (uitzondering: la foto, la mano)
  • -aje                            el masaje
  • -ambre                       el hambre
  • -ar, -er, -or,                el taller
  • -an, -en, -in, -on, un  el pan
  • -ate, -ete, ote             el camarote
  • -é (met accent)         el café
  • -és                             el estrés
  • -miento                     el sufrimiento
  • Griekse woorden eindigen op -ma (el programa), maar niet-Griekse woorden niet (la cama, la crema)
  • Dagen van de week, maand en nummers 


De meeste vrouwelijke naamwoorden eindigen vaak met een redelijke harde of abrupte toon en hebben vaak de volgende letters aan het eind: 
  • -a                              la comida
  • -ia, -ie                       la odia
  • -ad, -ed, -id, ud         la facultad
  • -ez, -eza                    la belleza
  • -is                              la crisis
  • -ncia                          la provincia 
  • -umbre                      la costumbre
  • -z                               la nariz 
  • -ción, -sión, -zón       la información
  • Letters van het alfabet 


De Spaanse bepaalde lidwoorden (in het Nederlands "de" en "het") horen bij het zelfstandig naamwoord en zijn voor de mannelijke "el" en "los" (meervoud) en voor de vrouwelijk "la" en "las" (meervoud). De onbepaalde lidwoorden (in Nederlands "een") zijn "un" en "una":


  • un coche     > een auto (mannelijk)
  • una mesa    > een tafel (vrouwelijk)
  • el coche      > de auto 
  • la mesa       > de tafel
  • los coches  > de auto's 
  • las mesas   > de tafels

Goudmuseum in Bogota in Colombië
Puur Goud in Goudmuseum in Bogota in Colombië



Men kan ook "lo" gebruiken, maar niet als lidwoord, maar als referentie naar een andere zin of om een bijvoeglijk naamwoord om te vormen naar een zelfstandig naamwoord:

  • Lo difícil es dibujar un circulo  > Het moeilijke is om een cirkel te tekenen
  • Lo de Juan es complicado       > Dat van Juan is gecompliceerd
Daarnaast wordt "lo" ook als persoonlijk naamwoord als lijdend voorwerp gebruikt (zie persoonlijke naamwoorden).




De bijvoeglijke naamwoorden staan bij het zelfstandig naamwoord, meestal achter het zelfstandig naamwoord, maar kunnen ook voor het zelfstandig naamwoord geplaatst worden. Ze verbuigen zich met het geslacht van het zelfstandig naamwoord:



  • un coche bueno    > een mooie auto (mannelijk)
  • una mesa buena    > een mooie tafel (vrouwelijk)
  • el coche bueno      > de mooie auto 
  • la mesa buena       > de mooie tafel
  • los coches buenos  > de mooie auto's 
  • las mesas buenas    > de mooie tafels


Geen opmerkingen: